Selbsteintritt

De volmacht wordt verleend om de gevolmachtigde in staat te stellen om namens de volmachtgever rechtshandelingen te verrichten. De volmachtgever laat, anders gezegd, de zaken die in de volmacht staan beschreven over aan zijn gevolmachtigde. Zie hier voor voorbeelden van gevallen waarin dat handig kan zijn. Gaat het bijvoorbeeld om het sluiten van een overeenkomst met een derde, dan komt die dus rechtstreeks tot stand tussen de volmachtgever en die derde. De gevolmachtigde valt er als het ware tussenuit – hij speelt niet langer een rol. Zie uitgebreider daarover hier.

Het kan voorkomen dat de gevolmachtigde liever zelf als tegenpartij van zijn volmachtgever optreedt dan dat hij op zoek gaat naar een derde. Dit is natuurlijk een kwetsbare kant van de volmachtverlening. Stel dat Jan iemand (Piet) aanstelt om voor hem een auto te verkopen tegen de beste prijs die daarvoor is te krijgen. Piet ziet zijn kans schoon en verkoopt de auto aan hemzelf onder de marktprijs. Iedereen begrijpt dat dit niet de bedoeling van de volmachtverlening was. De wetgever heeft daarom in artikel 3:68 BW bepaald:

“Tenzij anders is bepaald, kan een gevolmachtigde slechts dan als wederpartij van de volmachtgever optreden, wanneer de inhoud van de te verrichten rechtshandeling zo nauwkeurig vaststaat, dat strijd tussen beider belangen uitgesloten is.” Dit wordt ook wel het “verbod op Selbsteintritt” genoemd.

In het boven gegeven voorbeeld was Piet dan ook niet bevoegd om de overeenkomst namens Jan met zichzelf (=”Selbsteintritt”) te sluiten. Het rechtsgevolg is dat in het geheel geen rechtshandeling tot stand komt. Er is dan ook geen overeenkomst. Zie hier voor een voorbeeld in de rechtspraak van een dergelijk geval.

Anders is het als in het voorbeeld Jan aan Piet de opdracht zou hebben gegeven om een derden te zoeken om de auto voor EUR 1.500,- aan te verkopen. In dat geval zal (zie de wetsbepaling) geen belangenconflict mogelijk zijn, omdat de inhoud van de te verrichten rechtshandeling nauwkeurig vaststaat.

Financiers laten zich door hun debiteur wel eens een volmacht geven zodat zij zich daarmee (op het moment dat die debiteur in financiële nood komt) tot pandhouder van diens goederen kunnen maken. Daarmee voorkomen zij dat zij afhankelijk worden van de medewerking van de debiteur om die verpanding alsnog te doen plaatsvinden (de debiteur wil in dat stadium immers meestal helemaal niets meer ondertekenen). Het is vanwege het Selbsteintritt-verbod niet goed mogelijk dit bij een algemene volmacht te regelen; een zeer specifiek geformuleerde (bijzondere of doel-)volmacht ligt dan meer voor de hand: daarin kan de inhoud van de te verrichten rechtshandelingen nauwkeurig worden vastgelegd.

Download PDF